1999 Friesche meren

Al omstreeks 10 uur begon het parkeerterrein bij de Galamadammen vol te lopen met Alta’s en omstreeks een half uur later ving de demarcatie op de m.s. KLIFRAK aan. Het was voor velen een opgewekt weerzien en voor sommigen een eerste ennismaking. Opvallend was echter dat weerzien en kennismaking op buitengewoon ongedwongen wijze plaatsvond. Wat vooral opvalt is dat we zo langzamerhand zo’n gezellige club beginnen te vormen, waar nooit gebrek aan conversatie is. De verplichte ‘Algemene Ledenvergadering’ wordt dan soms als een hinderlijke onderbreking ervaren, maar dat moet dan maar eventjes. En gelukkig het duurde niet lang. Inmiddels gleden de oevers van vaarten, kanalen en meren voorbij. En het weer was perfect, ondanks de zwartgallige weervoorspellingen, die ons nog op de vroege morgen in het vooruitzicht werden gesteld. Vele Alta’s zijn met een gezond blosje, na deze vaartocht, weer aan de thuisreis begonnen. Waren wij niet erg enthousiast over de nieuwbouw aan het water bij Heeg; de natuurliefhebbers onder ons konden hun hart ophalen toen wij de ‘Gouden Boayem’ passeerden. Bloeiende blauwgraslanden, baltsende kemphaantjes, kiekendieven en nog veel meer, was er naar hun gading te bewonderen. En dan het weidse Friese landschap met hier en daar een kerktorentje, soms met een zo’n typisch Fries zadeldak- torentje, was een lust voor het oog. Voor het Slotermeer begon de welverzorgde lunch, die werd afgerond voor aankomst in Sloten. Men kon daar langs de grachtjes flaneren, over de walletjes wandelen of de tocht aanvaarden naar de nieuwbouwwijk waar de Ruurd Alta Strjitte kon worden bewonderd. Ruurd Alta (8 3 0080) was weleer burgemeester van dit alleraardigste stadje. Dochters Ineke en Carry konden nog veel herinneringen ophalen met de stadsomroeper, die wij op de wandeling tegenkwamen. Het huis waar zij hadden gewoond en even verder het oude gemeentehuis, waar eertijds Ruurd de scepter zwaaide werden ons aangewezen. Het gemeentehuis is thans het plaatselijk museum. Na deze nostalgische onderbreking gingen wij weer aan boord voor de terugtocht. Het weer was nu echt uitbundig zonnig geworden en de Alta’s verdeelden zich over voor- en achterplecht, genietend van zon en drankjes. Pas op de Fluessen, ging de wind ons parten spelen en trokken sommigen weer naar binnen.